Monday, May 30, 2011

Ondanks beloften en bereidheid van Juan M. Santos tot dialoog verbetert de mensenrechtensituatie in Colombia niet.


UPDATE, 7 juni, europese mensenrechtenorganisaties zeggen: EU kan niet blijven zwijgen ten aanzien van de schendingen van de mensenrechten

Mensenrechtenverdedigers worden nog altijd illegaal afgeluisterd, bedreigd en vervolgd: uit statistieken blijkt dat tijdens de eerste maanden van 2011 een zorgwekkend aantal schendingen werden vastgesteld, die, eerder dan op verbetering, wijzen op een verhoging van het gevaar dat sociale organisaties lopen in Colombia.                 


'verdedigers van mensenrechten wij houden u in het oog'
Foto: Jusiticia y Paz


Sinds de nieuwe regering van Juan Manuel Santos in dienst trad in augustus van vorig jaar, sprak de pers over een nieuwe aanpak, gekenmerkt door een openheid tot dialoog die sterk afstak tegen de persoonlijke, confrontatieve stijl van uittredend president Uribe. Het recordtempo waarmee Santos erin slaagde om de relaties met buurman en president van Venezuela, Hugo Chavez terug te normaliseren was daar het perfecte voorbeeld van.
Op het gebied van de mensenrechten was er de hoop dat dialoog, en de bereidheid van de regering tot samenwerking met mensenrechtenorganisaties snel vooruitgang zou brengen. De aanstelling van vice president Angelino Garzón, voormalig vakbondsleider en goed gekend bij sociale organisaties, als directe verantwoordelijke voor dit belangrijke thema moest hiervoor garant staan.
Organisaties op het terrein stellen echter vast dat de beloftes van een betere mensenrechtensituatie, voorlopig ver van ingelost wordt: volgens statistieken van de organisaties 'Somos Defensores' werden voor de eerste trimester van 2011, 96 gevallen vastgesteld van agressie tegenover leiders of leidsters en 64 gericht aan sociale organisaties (1). Het gaat hier dan specifiek over onwettige aanhoudingen, bedreigingen, aanslagen op het leven van personen (of pogingen tot) en verdwijningen. Vergeleken met eerdere jaren beloofd dit niets goeds voor wat 2011 zou kunnen brengen: zo telde 2010 - op zich al ingeschreven als een 'annus horribilis' aangezien het slechter was dan de voorafgaande 4 jaren - 170 dergelijke gevallen in de loop van het hele jaar.
Ook onze partnerorganisaties in Colombia hebben te kampen met verschillende incidenten die hen in gevaar brengen, ten gevolge van hun activiteiten als sociale organisaties. Tijdens de eerste maanden van het jaar moeten wij als Broederlijk Delen vast stellen dat velen van hen op één of andere manier slachtoffer waren van agressie ten opzichte van de organisatie of hun medewerkers.

In de maand april gebeurden er op enkele dagen tijd bij verschillende van onze partners in de regio Cauca inbraken in hun kantoren of zelfs bij medewerkers, waarbij men het vooral gemunt had op laptops en USB sticks. Zowel bij het mensenrechtennetwerk 'Red Por La Vida' , de lokale boerenorganisatie 'Movimiento campesino de Cajibío' als bij de leider van de zoektocht naar Sandra Vivianna Cuellar, voormalig werkneemster van CENSAT 'Agua Viva' werden laptops gestolen(2). Sandra Vivianna werkte als milieuactiviste in Cali en verdween op 17 februari op weg naar de universiteit van Palmira. Meer dan 3 maand later blijft ze nog steeds spoorloos.

Afgelopen maand mei, werd ook een voornaam lid van Justicia y Paz (eveneens partner van BD) thuis bestolen van documenten en 2 USB memory sticks waarop informatie opgeslagen was over het begeleidingswerk van de organisatie bij slachtoffers van het intern conflict (3). De organisatie wordt regelmatig bedreigd en stelde meermaals vast dat medewerkers door onbekenden gevolgd werden.
Hoewel dergelijke incidenten vaak afschreven worden als 'gewone criminaliteit', roepen ze steeds de vraag op of dit niet eerder gerichte acties zijn met als doel om informatie over de organisaties en hun werk te bemachtigen, en zo manieren te vinden om dit te bemoeilijken.
Andere partners hebben minder reden tot speculatie over of zij al dan niet in het oog gehouden worden: zo stelde het advocatencollectief José Alvear Restrepo (CAJAR) begin mei vast dat gesprekken van hun medewerkers op illegale wijze werden opgenomen nadat een lid van de organisatie een telefoontje kreeg waarin een dergelijke opname werd afgespeeld (4). De organisaties beschikt sinds jaren over veiligheidsvoorzieningen die hen waren toegekend door de Interamerikaanse mensenrechtencommissie (CIDH), en die door de Colombiaanse inlichtingendienst DAS werden verzorgd.(5) Na inspectie bleek dat in één van de wagens die hen toegewezen was, een verborgen microfoon verstopt zat.
In april van dit jaar besloot CAJAR de begeleiding van de inlichtingendienst voortaan te weigeren juist omdat deze maatregelen (mis)gebruikt werden om hen te bespioneren en de Colombiaanse staat geen garanties gaf dat dit in de toekomst zou ophouden.
Bij sociale organisaties in Colombia bestaat er dan ook weinig twijfel dat de illegale afluisterpraktijken, die afgelopen jaren aan het licht kwamen, ook nu nog verder gaan, ondanks de verschillende gerechtelijke processen die aangespannen werden tegen medewerkers van de DAS.
Er lopen trouwens momenteel nog altijd twee klachten van Europese organisaties uit België en Spanje t.a.v. de DAS, nadat aan het licht kwam dat die in de zogenaamde 'Operatie Europa' ook illegale spionageactiviteiten uitvoerde tegen NGO's en zelfs europese instellingen met als doel die organisaties in een slecht daglicht te stellen (6). In België stelde Broederlijk Delen zich samen met zes andere Europese organisaties burgerlijke partij.

Als Broederlijk Delen proberen wij onze partnerorganisaties zo goed mogelijk te steunen bij de ingewikkelde context waarvoor het intern conflict in Colombia hen stelt, hun mensenrechtenwerk zwaar bemoeilijkt en het leven van medewerkers en lokale gemeenschappen in gevaar brengt.

Gert Steenssens is sinds 2008 cooperant van Broederlijk Delen in Colombia, waar hij samenwerkt met verschillende van onze partners om hun kwetsbaarheid voor informatie-diefstal en spionage te verkleinen.
Hij blogt voor BD op blogs.kabaal.be en zijn persoonlijke blog kan je hier vinden.

Artikel voor Broederlijke delen gepubliceerd op 30 mei 2011
Eveneens op Mo.be en Wereldmorgen.be
 

  
1 http://www.somosdefensores.org/index.php?option=com_content&view=article&id=72:accion-urgente-90-dias-96-defensoresas-agredidos-en-colombia-&catid=2:noticias-inicio-pagina&Itemid=3
   
2 http://www.censat.org/dadamail/mail.cgi/archive/prensa/20110520143134/
   
3 http://justiciaypazcolombia.com/Robo-de-informacion-y-seguimiento
   
4 http://www.colectivodeabogados.org/Nuevas-evidencias-de-seguimientos
   
5 Voor meer informatie over de Colombiaanse inlichtingsdienst DAS, zie:     http://www.broederlijkdelen.be/component/one/bdarticle/detail/detail/q_activiteiten_colombiaanse_inlichtingendienst_das,3956
   
6 http://www.broederlijkdelen.be/component/one/bdarticle/detail/detail/ngo_s_slachtoffers_vragen_onderzoek_naar_illegale_activiteiten_colombiaanse_inlichtingendienst_das,3918

Sunday, May 22, 2011

'nada ha cambiado'



'Er is niets veranderd.
Enkel mijn instelling...
daarom is alles veranderd !!!'

#acampadabilbao, Bilbao, 22 mayo 2011


Source: @anius_  http://twitpic.com/515f6v


Zie ook: 'Yes we camp' activists hit Spanish streets 

Friday, May 20, 2011

blog BD Ecuador: “Het Yasuní hangt van u af”


Het Yasuní ITT, het stukje regenwoud dat Ecuadorianen proberen te redden van olie-exploitatie, wordt nog steeds bedreigd. Ondanks de erkenning als beschermd gebied, “intangible zone” en nationaal park lijkt het zwarte goud tot nu toe meer waarde te hebben dan de uitzonderlijke hoge biodiversiteit en de geïsoleerde inheemse stammen die er te vinden zijn. Tot december blijft het spannend, want dan zou de president een beslissing nemen.

Lees meer

Zie ook: Hoop voor het Yasuní na rechtszaak Ecuador vs. Chevron-Texaco

Tuesday, April 26, 2011

Ons echte 'Dorado' is water: locale gemeenschappen versterken verzet tegen mijnbouw in Colombia

Mijnbouw in Colombia: een ‘nieuw’ investeringsklimaat?

Sinds het aan de slag ging in augustus van vorig jaar, heeft de regering van Colombiaanse president Juan M. Santos, mijnbouw uitgeroepen als één van z’n voornaamste 'motoren voor ontwikkeling'.
Hoewel Colombia reeds jaren z’n natuurlijke rijkdommen uitbuit, via oliewinning in verschillende regios en de grootschalige koolmijn 'el Cerejon' in de regio van ‘La Guajira’, heeft het land tot hiertoe nog geen grootschalige, actieve mijnbouwprojecten waar men aan metaalontginning doet. Aangezien de prijzen van verschillende metalen, en goud in het bijzonder de laatste jaren in de hoogte geschoten zijn, tonen internationale mijnbouwbedrijven een hernieuwde interesse voor de ontginning van deze grondstoffen in Colombia.
Terzelfdertijd roepen finaciële pers en economische analysten het lof uit over Colombia als de ideale plaats voor mijnbouwinvesteringen, waarbij ze volledig de mantra van de regering overnemen die beweert dat het decenia-oude interne conflict nu volledig onder controle is en de veiligheidssituatie zo verbeterd is, dat het zorgt voor een ideaal klimaat voor buitenlandse investeringen. Locale organizaties en internationale mensenrechten organisaties betwijfelen dit en beweren dat de onwapening van paramilitaire groepen tussen 2003 en 2005 niet geheel sucessvol was en hieruit zelfs nieuwe gewapende groepen ontstonden, die nu stilaan meer terrein winnen. Ondertussen blijven mensenrechten in Colombia een grote zorg: de Inter-Amerikaanse Commissie voor Mensenrechten behield het land op z’n zwarte lijst voor 2010, en vermeldde in z’n rapport een aantal specifieke gevallen waar 'staats actoren' medeplichtig bevonden werden aan buitengerechtelijke executies. Het Colombiaanse conflict vormt nog steeds een complexe en gevaarlijke context voor buitenlandse mijnbouw bedrijven, zeker gezien het feit dat sommige multinationals zich durven laten verleiden tot afspraken met gewapende groepen om zo hun belangen te verzekeren.

Mijnbouwbedrijven en mensenrechtenschending: nu ook in Colombia?


Desondanks hebben internationale mijnbouw bedrijven hun zinnen gezet op Colombia’s goud, in zoverre zelfs dat het doet herinneren aan het ongrijpbare 'El Dorado', een mythe die ook de Spaanse ‘conquistadores’ in de ban had toen ze voor het eerst op het continent aankwamen.
Canadees mijnbouwbedrijf Goldcorp, dat zichzelf de ' snelst groeiende, laagste-prijs goud producent' noemt, liet recentelijk weten dat dat het op zoek was naar goud mijnprojecten in Colombia die het zou kunnen ontwikkelen. Dergelijke uitspraken kunnen zorgwekkend zijn voor lokale gemeenschappen gezien de reputatie die het bedrijf heeft in andere Latijns Amerikaanse landen zoals Guatemala, waar de Inter-Amerikaanse Commissie voor Mensenrechten moest tussenkomen ter bescherming van bewoners die hun protest uitten tegen het Marlin goudmijn project van Goldcorp.
Anglo Gold Ashanti, het derde grootste goud mijnbedrijf in de wereld, heeft reeds jaren aanwezigheid in Colombia met z’n 'La Colosa' goudmijnproject in de regio van Tolima, wat voorlopig nog steeds in exploratie-fase is. Lokale gemeenschappen bedreigd door een mogelijke volgende exploitatie-fase, hebben een sterk verzet uitgebouwd rond het argument dat het gebruik van cyanide voor het de ontginning van goud hun traditionele landbouw in de regio in gevaar zou brengen, ook wel de 'brood mand' van Colombia genoemd. Onlangs stelden ze voor om een lokaal referendum te houden in oktober, zodat de bewoners zelf konden beslissen of het project naar een exploitatie fase zou mogen overgaan of niet. Hun bezorgdheid over de mogelijke milieu impact van het 'La Colosa'  project is meer dan gerechtvaardigd, aangezien Anglo Gold Ashanti recentelijk de Public Eye ‘prijs’ werd toegekend aan het meest onverantwoordelijk bedrijf voor z’n milieuvervuilend goudmijn project in Ghana.

Groeiende golf van protest

Lokale groepen over heel het land, ongerust over de nakende komst van grootschalige mijnbouw bedrijven, hebben zich in verschillende regios van het land georganiseerd. In Marmato, de regio Caldas, weigeren klein schalige mijnbouwers het mijnbouw bedrijf Medoro toegang, uit vrees dat deze hen hun traditionele levensvoorziening zal ontnemen. Om hun stem kracht bij te zetten plannen ze een betoging in Bogotá in de komende weken.
Dergelijke groeperingen en organisaties, van diverse aard en oorsprong kwamen begin april samen in Bogotá, allen deel uitmakend van het 'Colombiaanse netwerk tegen grootschalige transnationale mijnbouw’' (RECLAME). Tijdens de twee-daagse bijeenkomst, analyzeerden zij de huidige nationale context ivm grootschalige mijnbouw, bekeken hun eerste jaar samenwerking als netwerk, en maakten plannen voor toekomstige acties. De hoogdringendheid tot actie was overduidelijk en verschillende voorstellen kwamen naar boven, waaronder een nationale campagne voor de verdediging van hun territorium, water bronnen en voedsel soevereiniteit.
In hun eindverklaring noemde RECLAME als voornaamste objectieven het versterken van regionale, nationale en internationale coördinatie, en het plannen van een derde nationale bijeenkomst in de loop van ditzelfde jaar, gezien de ernst van de bedreigingen die lokale gemeenschappen confronteren.


'Ons echte ‘Dorado’ is Water'


Verschillende aanwezigen vonden moed en inspiratie in een kleine, maar belangrijke overwinning die afgelopen maart in het departement Santander werd behaald. Daar zag het Canadese ‘junior’ mijnbedrijf Greystar Resources zich genoodzaakt om z’n aanvraag tot milieu vergunning in te trekken, nadat een massieve protest beweging duizende mensen op straat bracht tegen het ‘Angostura’ goudmijn project, voorzien in de bergregio genaamd  'Santurbán'. Hoewel het later terugkwam op z’n initiële uitspraak en zei een aangepaste aanvraag te zullen indienen, hadden de publieke opinie en verschillende overheidsfunctionarissen reeds duidelijk gemaakt dat dergelijk mijnbouw project niet vatbaar was in het hooggebergte, genaamd 'páramos'. Een belangrijke argument dat de tegenstanders aanhielden was de mogelijke vervuiling van hun watervoorziening, terwijl ze zuiver water meer waard achtten dan al goud dat de mijn zou ontginnen, hetgeen werd verwoord in een eenvoudige slogan:' Ons echte ‘Dorado’ is Water'.
Met dergelijke precedent als voorbeeld van sucessvol verzet tegen groot-schalige mijnbouw, kunnen andere mijnbouw bedrijven die hun oog hebben laten vallen op het zogenaamde 'Dorado' van Colombia maar beter de bezorgdheid van lokale gemeenschappen in acht nemen, om te voorkomen dat ze in dezelfde, niet benijdenswaardige situatie terecht zouden komen als Greystar.

(CC) Gert Steenssens / EsperanzaProxima..net
is vrijwilliger bij CATAPA en werkt sinds een aantal jaren tesamen met milieu- en sociale organisaties in Colombia, met een specifieke interesse in mijnbouw en exploitatie van natuurlijk rijkdommen.
Hij druft ook wel eens een fotocamera ter hand te nemen en kan bereikt worden via http://EsperanzaProxima.net

Saturday, April 9, 2011

Waarom u Chiquita bananen laat liggen in de supermarkt...


Contrary to claims by Chiquita Brands International that its payments to Colombian paramilitary and guerrilla groups over more than a decade were extorted, internal company documents released here Thursday strongly suggest that the transactions provided specific benefits to the banana giant.

They detail Chiquita's handling of what the company referred to as "sensitive payments" from 1990, when it was paying left-wing guerrilla groups active in Uraba, to 2003 when a PowerPoint presentation obtained by the NSA presents options for how to conceal improper payments.

A March 2000 memo, for example, recorded a conversation between Chiquita Senior Counsel Robert Thomas, the memo's author, and managers from the company's wholly-owned subsidiary, Banadex, in which the latter indicate that Santa Marta-based paramilitaries formed a front company to disguise "the real purpose of providing security" to Banadex's local operations. 


...
The AUC are supposed to have been disbanded from 2003-2006, but successor groups and criminal bands, or "bacrim", continue to dominate large swathes of the country.

"It is of great concern that the U.S. is moving forward with an FTA with Colombia without addressing the full dismantlement of Colombian paramilitary groups," Gimena Sanchez, an Andean expert at the Washington Office on Latin America, told IPS.

"As such, we worry about the proliferation of more Chiquita- like cases," she continued. "Currently in the Choco region, 23 oil palm industrialists are under indictment for links to paramilitarism and violent displacement."
(*)


Source IPSNews: http://ipsnews.net/news.asp?idnews=55178
Español: http://www.ipsnoticias.net/nota.asp?idnews=97943

(*) Zie ook: INTERNATIONAL MISSION TO VERIFY THE IMPACT OF AGROFUEL PRODUCTION IN 5 ZONES AFFECTED BY OIL PALM AND SUGARCANE MONOCROPS IN COLOMBIA